---
title: "Begrippen | Faillissement.app"
description: "Begrippen uit faillissementsverslagen, uitgelegd in gewone taal."
canonical_url: "https://faillissement.app/begrippen"
locale: nl
meta:
  "og:description": "Begrippen uit faillissementsverslagen, uitgelegd in gewone taal."
  "og:title": "Begrippen | Faillissement.app"
---

# Begrippen

Begrippen uit faillissementsverslagen, uitgelegd in gewone taal.

De woorden die u in faillissementsverslagen en op deze site tegenkomt, in gewone taal uitgelegd. Het is algemene uitleg, geen juridisch advies.

**Zoek een begrip**

39 begrippen

## Activa

De bezittingen en rechten van het failliete bedrijf die waarde kunnen hebben, zoals geld, voorraad, inventaris, voertuigen, vorderingen op klanten en onroerend goed.

## Afkoelingsperiode

Een periode waarin bepaalde schuldeisers hun rechten op goederen van het failliete bedrijf tijdelijk niet mogen uitoefenen zonder toestemming. Zo krijgt de curator tijd om de situatie te onderzoeken.

## Akkoord

Een voorstel van de failliete onderneming aan haar schuldeisers om de schulden op een bepaalde manier af te wikkelen, bijvoorbeeld door een deel te betalen. Als voldoende schuldeisers instemmen en de rechtbank het akkoord goedkeurt, kan het faillissement eindigen.

## Bestuurdersaansprakelijkheid

Als het bestuur zijn taak kennelijk onbehoorlijk heeft vervuld en dit een belangrijke oorzaak van het faillissement is, kan de curator bestuurders onder voorwaarden persoonlijk aansprakelijk stellen voor het tekort. Dat de curator dit onderzoekt, betekent niet dat sprake is van onbehoorlijk bestuur.

## Boedel

Het vermogen dat door het faillissement onder het beheer van de curator valt. De curator beheert dit vermogen en gebruikt de opbrengst uiteindelijk voor de afwikkeling van het faillissement.

## Boedelbijdrage

Een vergoeding aan de boedel voor werkzaamheden die de curator verricht voor bijvoorbeeld een bank, pandhouder of andere partij met bijzondere rechten op goederen.

## Boedelrekening

De bankrekening die de curator gebruikt voor ontvangsten en betalingen van de faillissementsboedel.

## Boedelsaldo

Het bedrag dat op een bepaald moment in de boedel beschikbaar is. Dit is niet automatisch het bedrag dat aan schuldeisers kan worden uitgekeerd, omdat bijvoorbeeld faillissementskosten en boedelschulden nog moeten worden betaald.

## Boedelschuld

Een schuld die rechtstreeks uit de boedel moet worden betaald en niet als gewone vordering ter verificatie hoeft te worden ingediend. Voorbeelden zijn het salaris van de curator en in bepaalde gevallen huur die na de faillissementsdatum verschuldigd is.

## Concurrente schuldeiser

Een schuldeiser zonder wettelijk voorrecht, pandrecht of hypotheekrecht. Concurrente schuldeisers delen naar verhouding mee in wat overblijft nadat schuldeisers met een hogere rang zijn voldaan. In veel faillissementen ontvangen zij niets.

## Crediteur

Een ander woord voor schuldeiser: iemand of een organisatie die nog geld tegoed heeft.

## Curator

De persoon die door de rechtbank wordt aangesteld om het faillissement af te wikkelen. De curator beheert de boedel, verkoopt bezittingen, int vorderingen, onderzoekt het faillissement en verdeelt beschikbare opbrengsten volgens de wettelijke rangorde. Een curator is doorgaans advocaat.

## Debiteuren

Personen of bedrijven die nog geld verschuldigd zijn aan het failliete bedrijf. De curator probeert deze openstaande vorderingen te innen.

## Doorstart

Het voortzetten van (een deel van) de activiteiten van een failliet bedrijf door een koper. De curator kan bijvoorbeeld de onderneming, voorraad, inventaris of andere bedrijfsonderdelen verkopen. Werknemers gaan daarbij niet automatisch mee.

## Eigendomsvoorbehoud

Een afspraak waarbij geleverde goederen eigendom van de verkoper blijven totdat ze volledig zijn betaald. Als aan de voorwaarden is voldaan, kan de verkoper de goederen bij faillissement soms terugvragen.

## Faillissement

Een wettelijke procedure waarbij de rechtbank vaststelt dat een schuldenaar in de toestand verkeert dat deze is opgehouden te betalen. De curator krijgt het beheer over het vermogen dat in het faillissement valt en gebruikt dit voor de gezamenlijke schuldeisers.

## Faillissementsverslag (openbaar verslag)

Een openbaar verslag waarin de curator informatie geeft over het verloop van het faillissement. De curator brengt in beginsel iedere drie maanden verslag uit; de rechter-commissaris kan die termijn verlengen. Faillissement.app toont deze verslagen met een verwijzing naar de oorspronkelijke bron.

## Homologatie

De goedkeuring van een akkoord door de rechtbank. Pas na homologatie kan een aangenomen faillissementsakkoord verbindend worden voor de betrokken schuldeisers.

## Hypotheekrecht

Een zekerheidsrecht op een registergoed, meestal een woning, bedrijfspand of grond. Een hypotheekhouder heeft bij faillissement een sterke positie en kan zijn recht in beginsel uitoefenen alsof er geen faillissement is.

## Insolventienummer

Het nummer waaronder een faillissement of surseance bij de rechtbank wordt geregistreerd, bijvoorbeeld 05/26/123 F. De precieze schrijfwijze kan per bron verschillen.

## Oorzakenonderzoek

Het onderzoek van de curator naar de omstandigheden en oorzaken die tot het faillissement hebben geleid. Een oorzakenonderzoek betekent op zichzelf niet dat iemand iets verkeerd heeft gedaan.

## Opheffing wegens gebrek aan baten

Beëindiging van het faillissement omdat er onvoldoende vermogen beschikbaar is om de faillissementskosten en overige boedelschulden volledig te betalen. Er is dan ook geen geld beschikbaar voor preferente of concurrente schuldeisers.

## Pandrecht

Een zekerheidsrecht op bijvoorbeeld voorraad, machines, aandelen of vorderingen. Een pandhouder kan zich onder voorwaarden met voorrang verhalen op de opbrengst van het verpande goed.

## Passiva

De schulden en andere financiële verplichtingen van het failliete bedrijf.

## Pauliana

De mogelijkheid voor de curator om bepaalde rechtshandelingen van vóór het faillissement te vernietigen als daardoor schuldeisers zijn benadeeld en aan de wettelijke voorwaarden is voldaan. Denk bijvoorbeeld aan het vlak voor faillissement weggeven of voor een onredelijk lage prijs verkopen van bezittingen.

## Preferente schuldeiser

Een schuldeiser die op grond van de wet voorrang heeft boven concurrente schuldeisers. Voorbeelden zijn bepaalde vorderingen van de Belastingdienst, het UWV en werknemers.

## Recht van reclame

Het recht van een verkoper om geleverde maar onbetaalde roerende zaken onder bepaalde voorwaarden terug te eisen. Hiervoor gelden korte wettelijke termijnen.

## Rechter-commissaris

De rechter die toezicht houdt op het beheer en de afwikkeling van het faillissement door de curator. Voor verschillende handelingen heeft de curator toestemming of goedkeuring van de rechter-commissaris nodig.

## Rechtmatigheidsonderzoek

Het onderzoek van de curator naar onder meer de administratie, het handelen van bestuurders en transacties rond het faillissement. Daarbij wordt bijvoorbeeld gekeken naar onbehoorlijk bestuur, benadeling van schuldeisers en paulianeuze handelingen.

## Renvooiprocedure

Een gerechtelijke procedure over een vordering die tijdens de verificatie niet wordt erkend. De rechter beslist dan bijvoorbeeld of de vordering bestaat en voor welk bedrag of met welke rang deze moet worden meegenomen.

## Retentierecht

Het recht van een schuldeiser om een zaak die hij onder zich heeft niet terug te geven totdat een bepaalde vordering is betaald. Ook in faillissement kan een retentierecht gevolgen hebben, al gelden dan bijzondere regels.

## Schuldeiser

Een persoon, bedrijf of instantie die nog een bedrag of andere prestatie van de failliete onderneming tegoed heeft. Een schuldeiser wordt ook wel crediteur genoemd.

## Separatist

Een schuldeiser met een pandrecht of hypotheekrecht. Een separatist kan zijn zekerheidsrecht in beginsel uitoefenen alsof er geen faillissement is, al gelden daarbij enkele beperkingen en bevoegdheden van de curator.

## Surseance van betaling

Uitstel van betaling dat door de rechtbank wordt verleend aan een schuldenaar die tijdelijk zijn schulden niet kan betalen. Tijdens de surseance houdt de schuldenaar het bestuur, maar voor veel handelingen is medewerking van de bewindvoerder nodig. Een surseance kan alsnog eindigen in een faillissement.

## Uitdelingslijst

Een overzicht waarin staat welke erkende schuldeisers een uitkering ontvangen en hoeveel zij krijgen. Tegen de uitdelingslijst kan binnen de daarvoor geldende termijn bezwaar worden gemaakt.

## Vereenvoudigde afwikkeling

Een manier om een faillissement af te wikkelen als duidelijk is dat er onvoldoende geld is om concurrente schuldeisers iets te betalen. De behandeling van concurrente vorderingen blijft dan achterwege en er wordt geen verificatievergadering voor die vorderingen gehouden.

## Verificatievergadering

Een vergadering onder leiding van de rechter-commissaris waarin ingediende vorderingen en eventuele voorrangsrechten worden behandeld. Vorderingen kunnen worden erkend of betwist. Een verificatievergadering is niet in ieder faillissement nodig.

## Verrekening

Het tegen elkaar wegstrepen van bedragen die twee partijen over en weer aan elkaar verschuldigd zijn. In faillissement gelden hiervoor bijzondere wettelijke voorwaarden.

## Vordering

Een recht op betaling of een andere prestatie. Wie vóór het faillissement nog geld van het failliete bedrijf tegoed had, kan die vordering meestal bij de curator indienen.

Gepubliceerd op 03-10-2026